Flexibilisering van HBO deeltijdonderwijs

Ik ben tot mei 2020 betrokken bij de accreditatie van vier deeltijdopleidingen van de Hogeschool Utrecht die deelnemen aan de Pilot Flexibilisering. In deze pilot mogen hogescholen hun vaste onderwijsprogramma’s loslaten. In plaats daarvan stelt een opleiding leeruitkomsten vast. De focus ligt op wat een student moet kennen en kunnen. Door de flexibilisering worden de individuele opleidingstrajecten voor de deeltijdstudent flexibeler.

Flexibel hoger onderwijs voor werkenden
De Adviescommissie ‘flexibel hoger onderwijs voor werkenden’, onder leiding van Alexander Rinnooy Kan, adviseert in haar rapport te experimenteren met flexibeler deeltijdonderwijs. Flexibel onderwijs is onderwijs dat in staat is zich aan te passen aan de veranderende omstandigheden. Het biedt verschillende mogelijkheden in het wat, waar/wanneer, en hoe er geleerd wordt, leidend tot een erkend diploma of certificaat (CINOP, 2016 uit HAN, 2017). De veronderstelling is dat door flexibeler deeltijdonderwijs beter ingespeeld kan worden op de toegenomen diversiteit en dat hierdoor de instroom voor bekostigde deeltijdopleidingen weer zal stijgen. (Bron: Landelijke benchmark FlexScan)

Als projectsecretaris alles in goede banen leiden voor vier instituten
Ik ben als projectsecretaris samen met de projectleider verantwoordelijk voor de afstemming en coördinatie tussen de vier opleidingen. De beoordeling door de NVAO vindt in mei 2020 plaats

Update 2020: vanwege Corona moest de accreditatie worden verplaatst naar oktober 2020. Ik zal wederom betrokken zijn bij de voorbereiding van deze accreditatie.

Meer informatie over het Experiment leeruitkomst en over een eerste analyse (FlexScan).

1 thought on “Flexibilisering van HBO deeltijdonderwijs

  1. Isabella Beantwoorden

    Ook volgens Bert van der Zwaan, rector van Universiteit Utrecht, zijn de eerste tekenen van de verandering zichtbaar. Hij stelt in zijn recente publicatie ‘ Haalt de Universiteit 2040 ?’ de vragen over de rol en taak van de universiteit in een samenleving waar kennis omnipresent is. Wat betekent dit voor de vorm en organisatie van het wetenschappelijk onderwijs (minder onderwijsgebouwen, het opzetten van een Nederlands-Belgisch kennishub)? Ook hij heeft, zoals ook in de trendrapporten over open onderwijs van SURF, over unbundling van onderwijs, de nieuwe onderwijsvormen die ontstaan door open onderwijs. Hij voorziet nog wel campusonderwijs voor de eerste jaren van een studie vanwege het vormende effect van studeren in een community. Maar wat betekent het steeds meer online leren en samenwerken voor de sociale cohesie?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *